< p>

0348 - 488 663 Vacatures Actueel Contact

De 10 grootste misvattingen over AI

Met de groei in populariteit van artificial intelligence (AI) neemt ook het aantal vragen toe. Deze grotere onzekerheid zorgt voor snelle conclusies die vaak niet kloppen. We hebben de tien belangrijkste voor je verzameld.

1. AI is één technologie

AI heeft betrekking op systemen die menselijke intelligentie nabootsen en geldt als een verzamelnaam voor processen, zoals machine learning, deep learning, data analyse & statische modellen. Dé AI-technologie bestaat dus niet. AI bestaat uit een combinatie van technologieën en methodieken.

2. AI werkt als het menselijk brein

Alhoewel veel vormen van AI, met name Machine Learning, gebaseerd zijn op het menselijk brein, zijn ze wel degelijk verschillend. Net zoals het menselijk brein worden AI-modellen slimmer naarmate ze iets vaker doen. AI-modellen hebben hier echter veel meer voorbeelden voor nodig. Waar AI-modellen steeds beter worden bij het herhalen van taken, zien we dat mensen variatie nodig hebben. En dat is juist iets waar een AI-model slecht mee om kan gaan. De kleinste veranderingen kunnen ervoor zorgen dat een taak volledig mislukt. 

Ook de verwerking van taal is voor een AI-model ontzettend lastig. Taal is namelijk constant in verandering en kent veel variaties en uitzonderingen op de regels. Het is daarom niet gemakkelijk een algortime op te stellen die voorbereid is op al deze alteraties. Kijk bijvoorbeeld maar eens naar de zoekopdrachten van Google, maar liefst 15% van de Google zoekopdrachten zijn uniek, dit gaat om meer dan 800 miljoen zoekopdrachten per dag. Voor een mens is dit geen probleem. Andersom is het voor een mens erg lastig om een complexe som op te lossen, terwijl een computer dit in enkele seconden voor elkaar krijgt.

De twee typen intelligentie werken dus wel degelijk verschillend. En dat is maar goed ook, want op deze manier kunnen we elkaar versterken. 

3. AI is nieuw

Door de toegenomen populariteit van AI in de afgelopen jaren lijkt het alsof we te maken hebben met één van de nieuwste uitvindingen van deze tijd. De eerste toepassingen van kunstmatige intelligentie stammen echter al uit de jaren ’50 van de vorige eeuw. In 1950 legt Alan Turing met zijn artikel over Computing Machinery and Intelligence de basis voor de machine learning-technieken die we nu gebruiken. Hij vergelijkt onze menselijke manier van denken namelijk met een wiskundige berekening. Vervolgens stelt hij dat je met een computer álles kunt berekenen en daarmee intelligent gedrag kunt vertonen. De grote doorbraken zien we pas vanaf de jaren ’90, waardoor de groei van AI als een recente ontwikkeling voelt. 

4. AI neemt de wereld over

Dat AI de wereld over zou nemen is een geweldige bron voor de media en de entertainmentindustrie. Zelfs belangrijke figuren als Elon Musk en Stephen Hawking waarschuwen voor het gevaar van deze ontwikkelingen.  Maar hebben zij ook een punt? 

De kans is groot dat hun angst voornamelijk wordt veroorzaakt door onzekerheid. De angst voor het onbekende. Deze vrees voor nieuwe technologieën is niets nieuws. Zelfs vóór de christelijke jaartelling was Plato al tegen de komst van het schrift. Zo’n dertig jaar geleden stonden we sceptisch tegenover de mobiele telefoon. Tegenwoordig vragen we ons met z’n allen af wat technologieën als drones en AI nu echt gaan doen?  

Als AI de wereld wil overnemen, moeten de systemen eerst slimmer worden dan de mens. Dit lijkt een toekomst die nog ver voor ons ligt. Momenteel zijn de systemen afhankelijk van modellen die de mens programmeert. Het is ook de mens die vervolgens grote datasets vormgeeft om deze modellen uit te voeren. Het gevaar zit daarmee dan ook niet in de systemen zelf. Deze voeren geen taken uit die niet door een mens zijn ingesteld. Het gevaar ligt echter wel bij de mensen die toegang krijgen tot deze systemen en het is dan ook van belang dat er duidelijke afspraken komen over het gebruik van dergelijke systemen. 

5. AI pikt onze banen in

Akkoord, AI neemt de wereld niet over. Maar hoe zit het met onze banen? De angst voor het verliezen van een baan door technologische ontwikkelingen is niet nieuw in onze geschiedenis. Zo was er in de achttiende eeuw de spinmachine die veel werkplaatsen overbodig zou maken. Honderden arbeiders bestormden fabrieken en sloegen de machines kapot. Ook nu worden robots zo gesaboteerd dat het lijkt alsof ze hun werk niet uit kunnen voeren. Maar is deze angst wel gegrond?

Aan de ene kant zullen er zeker banen verdwijnen door de komst van AI. Aan de andere kant zorgt de komst van AI ook voor het ontstaan van vele nieuwe banen. Diverse onderzoeken hebben aangetoond dat er met iedere ontwikkeling meer nieuwe banen bijkomen dan dat er oude verdwijnen. Het zou dus kunnen zijn dat jouw werk er over een paar jaar anders uit ziet. Maar dat jouw baan in rook opgaat? Nee, dat voorlopig niet! 

6. AI is onbevooroordeeld

AHoe graag we ook willen geloven dat robots objectieve beslissingen maken, is dit niet het geval. Elke AI-technologie is gebaseerd op gegevens, regels en andere soorten input van mensen. En of we het bewust doen of niet; mensen hebben vooroordelen. Deze vooroordelen sluipen onbewust in de modellen of datasets tijdens het trainen van de systemen, waarna het systeem deze vooroordelen overneemt en eventueel zelfs versterkt. Het is daarom van belang dat ontwikkelaars zich hiervan bewust zijn en proberen te werken met diverse teams en diverse datasets om de vooroordelen zo veel mogelijk in te perken. 

7. AI is niet creatief

Creativiteit zien de meeste als iets wat puur menselijk is en ons onderscheidt van een machine. Toch kan ook AI worden gebruikt om creativiteit te bevorderen en zelfs te uiten. AI heeft namelijk de mogelijkheid om uit grote datasets allerlei input te halen en zo tot unieke combinaties te komen. Zo wordt AI al toegepast in het componeren van muziek, het creëren van afbeeldingen, het ontwikkelen van nieuwe recepten of het ontwerpen van nieuwe producten. 

8. AI vervangt alleen simpele repetitieve taken

AI-technologieën zijn goed in het nauwkeurig berekenen, clusteren en voorspellen van data. Hoe vaker deze dit doen, des te beter deze gaan werken. Het is echter niet zo dat AI hierdoor alleen de simpele en veel voorkomende taken overneemt. Kunstmatige intelligentie kan ook goed ondersteunen bij complexere vragen. In de gezondheidzorg worden deze technieken al vaak ingezet om bijvoorbeeld röntgenfoto’s te analyseren. Een dokter zal vervolgens analyseren of de voorspelling klopt. Hierbij ondersteunen de AI-modellen de artsen bij complexere vraagstukken. 

9. Niet iedere business heeft een AI-strategie nodig

Of je nou direct aan de slag wilt met AI of niet; je hebt altijd een AI-strategie nodig. Als organisatie is het altijd van belang om te bepalen óf en wanneer een AI-technologie van toepassing kan zijn op jouw bedrijfstaken. Dit betekent dus niet dat je direct moet investeren in het ontwikkelen of aanschaffen van deze technologieën, maar wel dat je er op z’n minst over moet nadenken welke impact AI maakt binnen jouw bedrijf. AI is inmiddels al meer verweven met onze dagelijkse handelingen dan je denkt. Zo bepalen AI modellen van Google wat voor jou de beste route is en bepalen honderden meetstations wat het weerbericht van deze dag gaat worden. 

10. Je kunt direct starten met AI

Veel organisaties zien AI-oplossingen als een snelle toepassing waar direct de vruchten van geplukt kunnen worden. Maar met die snelheid vlieg je juist al gauw door de bocht. AI-technologieën hebben de potentie om veel waarde toe te voegen aan jouw organisatie. Deze technologieën moeten echter wel op de juiste manier getraind worden om goed aan te kunnen sluiten op de specifieke bedrijfstaken. Het is daarom van belang dat je goed begrijpt welk probleem je op wilt lossen om vervolgens te bepalen welke technologieën hierbij kunnen ondersteunen. 


Bronnen

 

 

Zij kozen voor de succesvolle Effecta methode

A single point of contact.
0348 - 488 663